wie ik ben

zoeab

Hoofdwrktuigkundige Technische Bedrijfsvoering Academisch medisch Centrum Amsterdam, houd van:@zulemagvg, maiza, eten, vrouwen met BIL, reizen, lachen, vrede, en mosselen.

We schrijven 1978 een turbulent jaar in de nederlandse geschiedenis omdat het jaar is van de kapingen in en rond assen, ook zijn we met helemaal in de ban van grease, john travolta die vent was echt uber cool, ik was 8 jaar en mezelf helemaal bewust van alles wat om me heen gebeurde behalve school mischien. Een fenomeen op dat gebied is dan toch wel het feit of je nou wel of niet echt wat met de andere sexe te doen hebt en daar dan ook wat voor voelde. Een ding was meestal wel duidelijk als het al zo was dat de vlinders onbedwingbaar in je buik rondfladderde dan was je meestal niet alleen in de gevoelens voor dat lieve meiske. Maar niet getreurd mijn aandacht was ook nog net zo snel afgeleid door kattekwaad en ravotten met net zulke onnozele en onwetende jongens als ik. (gedeelde smart is halve smart). Een voordeel was in ieder geval dat je batterijen nooit op gingen, je verbruikte dus een hoop energie en dat werdt ook weer goed aangevuld want volgens mij vanaf die leeftijd was er geen houden meer aan bij mij.Het is ook in die tijd dat de liefde der belgische trots de gefrituurde patatten bij mij een plek appart kregen. Met een pre op zak iedere woensdagavond geloof ik werd je losgelaten om bij malpertuus voor een belachelijk klein bedrag een heerlijk zelfgemaakte puntzak patatten met lichtzure mayonaise. Heaven on earth, ok nog een phrase over het ambacht der patatten, schil deze jongens leg ze een nachtje in het water, snij ze in lekkere dikke fritten, dep ze droog en bak ze voor op 160 graden, af laten koelen en vervolgens afbakken op 190 graden, ik verzeker jullie alles wat bij mc bulshit wordt geserveerd wordt is dan niet het predikaat friet waardig, maar goed we dwalen af. Het is vrijdag de zon schijnt het is heerlijk weer de gele bus komt een beetje rokend en krakent richting het bushokje op ons af, we staan klaar met onze vieze kleren van een hele week in een mooie bruine weekendtas, er steekt een bult uit bij de tas van mijn broer, die bult bespreken we nog…, de bus vertrekt en voor je het weet zullen we de bruggen op de snelweg tellen die ons naar breda zouden leiden.
Op deze wekelijkse wereldreis werd je altijd getrakteerd op een stukje gastvrijheid, een van speciale soort. Het was de glimlach en vriendelijke groet van de hoeren op de italielei in antwerpen, de bus reed met gepaste snelheid op langs de madammen in hun vitrinekast met rode lampen. Ik was 8 en keek mijn ogen uit naar die mooie dames met rode lippen en lingerie aan die glimlachten naar wat wij nooit gezien hebben maar dat moet dus een gele bus geweest zijn met aan een kant allemaal lachende en heftig zwaaiende kinderen van net onder of op de puberale leeftijd. Dat en de reuk van smeltende verse prei uit de moestuin die oma nog even in de tas had gedaan zal ik nooit vergeten.

De eerste 6 jaar moeten geweldig geweest zijn, samen met vader en moeder en niets om ons heen dan voorbijtrekkend landschap, water en het monotone geluid van de scheepsdiesel.

Je moet soms goed nadenken om te herinneren wat er gebeurd is die tijd, in gedachten niets dan plezier, harmonie, maar ook het onheilspellende gevoel van” ik moet ook binnenkort”. Het internaat is een onvermijdelijke passage uit ieder leven van elk schipperskind, je maakt het mee of je wordt gespaard, althans dat is de gedachte dan. Ben door dat leven gevormd net als ieder ander mens gevormd zou worden door leefomstandigheid, plaats en mensen.

Afscheid nemen is nog steeds net als voor een ieder niet leuk, maar als je al zo vaak afscheid hebt genomen, iedere week op zondagavond maakt niet uit waar vandaan moest ik terug naar het internaat, samen met mijn oudere broer, die had al 3 jaar reiservaring en ik was dus geheel afhankelijk van zijn kunde en kalmte waarmee hij ons door Nederland en België loodste, we waren 9 en 6 jaar. Jaren lang met de bus van hulst naar Breda, Antwerpen, Sint niklaas, Dendermonde, Raamsdonkveer, Temse. Soms ook met de trein maar dat was meestal op de terugreis naar internaat de baudeloo, een middeleeuws klooster in het centrum van hulst met aangebouwde vleugels voor de 100 kinderen of zo die er zaten van 3 tot 19 jongens en meisjes, meesten schipperskinderen maar ook Kermis”klanten”, kinderbescherming, “rijkelui’s” kinderen, moeilijk opvoedbare kinderen. Een bonte verzameling dus, het verzachte het leed dat je daar met zo velen was. Tucht en orde, dat was het credo voor de zusters van liefde. Hoewel er bijna geen zusters meer aanwezig waren kon je de sfeer en het roomse nog ruiken in de gangen de refter en de immense slaapzalen.

Groepen van 30 kinderen aan lange tafels gedekt volgens de normen en keurig gerangschikt met vaste plaatsen en een eigen servet ring voor die grote individuen van 5 tot 13 jaar of van 13 tot 19 jaar. Van harmonie was alleen nog sprake als het maar geordend was, veel vriendjes en vriendinnetjes om mee te spelen maar alleen binnen de dikke muren van het internaat, naar school was het enige contact met de buitenwereld, nog lang zou ik dat gevoel hebben dat je niet weg mag, dat het gevoel en de drang zo onderdrukt was dat je geen behoeft meer had om naar buiten te gaan stad en land, dorp en streek te verkennen, vriendjes buiten je cirkeltje van kamer, huis of speelplaats, alleen dat kleine wereldje om je heen, in je hoofd, je gedachten, wegdromen naar huis naar buiten naar onbekende dingen alles wat maar niets te maken had met de plaats waar je een hele week een ritueel afdraaide met de regelmaat van de klok. Opstaan wassen aankleden naar beneden dezelfde tijd aan tafel, taken verrichten (corvee) de een haalt het eten de ander serveert het uit die brengt de lege schalen terug die ruimt af enz. enz. , niet onoverkomelijk maar iedere dag hetzelfde patroon. Impulsief gedrag en spontaniteit worden hier niet getolereerd aangezien dan planningen in de war komen en je sowieso geen recht van spreken had, eerst je bord leeg eten en dan praten we verder, maar tijdens het eten mocht je niet praten alleen naar je eten kijken wat erg goed was maar voor een mens van die leeftijd een forel met kop en staart ontleden was voor velen soms het equivalent van 10 horrorfilms en een nacht slecht slapen. Maar goed de dag werd echt interessant als de parka aanging de schoenen vast en de schooltas in de hand( niemand was toen op het idee gekomen om met een rugzak naar school te gaan ) allen met een boekentas ter grote van een personenwagen en gemaakt van onvervalst echt dik leer wat met gemak een jaar of 5 absolute mishandeling zou overleven. Door de gangen naar de plaats waar je kon kiezen of naar buiten of naar de kapel. Naar buiten was een relatief begrip, want dat betekende nog niet dat je echt buiten was. Je was Namelijk beland op de het kür plein, de koer hoe je het ook noemen wilt het was een groots plein met een helft helemaal betegeld en de andere helft was voorzien van groen en wat speeltoestellen, dit alles gescheiden door een groot heras hekwerk. Wat na een aanvaring tijdens een spelletje tikkertje nu voor eeuwig in mijn hoofd gekerfd staat.

Stuiterend van de energie rennen en ravotten, altijd iemand om mee te spelen dat was echt een voordeel.

Maar de realiteit ontkwam mij ook niet dus er moest naar school gegaan worden, eerst nog een paar maanden op de kleuterschool. Niet dat ik me daar nog veel van herinner behalve dan datgene waar we mee speelden en dat het volgens mij een onbezonnen tijd was. Waarschijnlijk leerde ik er al wel iets maar dat had ik dan weer niet door, later is me dat ook vaak overkomen.

Na dat eerste half jaar brak de onvermijdelijke zomervakantie aan, en dat is nou echt het mooiste wat ik van mijn hele jeugd kan herinneren, heerlijke zomers lekker aan boord meevaren, spelen en werken tegelijk. Niets was zo volmaakt als een zondag ten anker in een van de zand en grindgaten langs de maas. Of langszij een ander schip wat dan vaak bekenden waren zodat er tot laat in de avond buiten op een bolder of klapstoeltje in de openlucht bijgekletst kon worden over van alles en nog wat. Overdag hielpen mijn broer en ik altijd mee met het onderhouden van het schip, roest bikken, schuren, verven, teren noem maar op
(2)
Het waren de jaren 70 en er was blijkbaar van alles aan de hand in wereldpolitiek, ( daar kwam ik later pas achter…. Koude oorlog? Geen idee wat het was!) nee we waren druk bezig met het verzinnen van verhalen wie wie was. Even ter voor de duidenlijkheid ik was dus piet maar mijn broer was ook piet en we heten dus beiden anders dus dan snap je de verwarring.
We speelden van alles en nog wat in het ruim van het schip als het leeg was, maar ook als het volgeladen was met zand. Uitgeholde wrijfhouten dienden als speelgoedschip, en met nieuwe kranen en buldozers speelden we na wat voor onze ouders dagelijkse kost was. Varen varen en nog eens varen, dag in dag uit dag en nacht. Nog steeds veel respect voor de hele generatie van schippers die in die tijd met zeer beperkte middelen zoveel uren maakten op het water. Maar ja wat dacht ik dan, wat dacht iemand van mijn leeftijd pff denk niet dat er in essentie veel veranderd is in het kind zijn wat betrefd spelen en beeldvorming, althans als je de vrijheid krijgt om te fantaseren en te dromen als kind dat is wel een voorwaarde denk ik. Jongeren van deze tijd zouden teveel plaatjes voorgeschoteld krijgen, dus teveel keus mischien. Enfin, voor het gevoel was het voornamelijk achteraf gezien toch het duidelijke verschil in jaargetijden, echte zomers en echte winters wat het zo speciaal maakte om naar een bepaalde periode uit te kijken, en alles wat ertussenzat lijkt verdomd veel op het weer wat we een heel jaar hebben nu.
En ja na een zinderende zomer vol zwemmen en ravotten kwam het onheilspellende gevoel weer langzaam naar boven, buikpein, en angst voor de o zo gehate zondagavond.
Lang heb ik het niet begrepen waarom moet je nou toch naar school, waarom al die dingen leren wat is daar nou de meerwaarde van als je gewoon iedere dag ademhaalt, eet en ja het werk dat leer je gewoon van je vader ofzo dat gaat toch vanzelf?
Niets van dat alles zou natuurlijk de waarheid zijn, het vaste stramien werdt al weer snel realiteid bij de “zusters van liefde”.
Niet toegeven aan het gevoel dat je zielig zou klinken, dat bekruipt je als je ouder bent, maar het moet uitgesproken worden dat het een enorme impact op je maakt als je meer dan 14 jaar op een internaat doorbrengt.
Deze ervaringen beschrijven geeft geen opluchting of zou enige vorm van therpie betekenen maar eerder een beeld schetsen van datgene wat er gaande was in het leven van zomaar een jongen die in de bus zat van Hulst naar Breda op een vrijdag middag ergens in de jaren 70.

Het mysterie van het licht

By zoeab

Ik heb me verslapen, ik hoor Maïza op de achtergrond een schreeuw om hulp geven,ze staat rechtop in bed met haar duim in haar mond, een welbekende en bijna gepatenteerde pose van haar. Ik kijk omhoog op de kast staat een klokje, het wijst bijna 9 uur aan en ik krijg hartkloppingen.Lees verder>>>>

 

Advertenties

Een reactie op wie ik ben

  1. jm zegt:

    Ik zat ook in die bus……. mooi geschreven, ik had ook een parka……;))

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s